Op het Dropspoor
leestijd 2 minuten

Op het Dropspoor

Op het Dropspoor

Drop is typisch Nederlands, toch? Nou, daar is wat op af te dingen. Ook in Scandinavië eten ze drop, in Finland zelfs meer dan hier. En Duitsers eten drop, en Engelsen en Italianen.

In haar Grote Dropboek beschrijft Marieke Hendriksen hoe we in Nederland gingen geloven in een unieke Hollandse dropliefde. Dat kwam door Cornelis Nieman, een chemicus die bijna in zijn eentje de Nederlandse drop-mythe in de wereld heeft geholpen. Hoor het in Het Dropspoor (klik op de titel) dat ik maakte voor VPRO's Onvoltooid Verleden Tijd.

Hendriksen is kunst- en wetenschapshistoricus. Ze zocht allereerst naar het oudste Nederlandse droprecept om zelf thuis in een pannetje te brouwen. Essentieel voor drop is zoethout, waarvan het bloeddrukverhogende glycerrhizinezuur zorgt voor de unieke dropsmaak.

Ik spreek Marieke over haar experimenten, maar ook over de vererfgoedisering van drop. Dat is kort gezegd het toeëigenen van drop - maar evengoed van molens en tulpen - door het bedrijfsleven of de overheid, om zo meer te verkopen of voor de politieke agenda. Marieke vertelt over het Amsterdamse droplaboratorium van het Centraal Instituut voor de Dropverwerkende Industrie (CIDI), waar Nieman directeur was. Het stikte er van de muizen en voormalig laborant Bert Jippes herinnert zich hoe hij liever rookbommetjes in elkaar knutselde dan het controleren van zoethoutgehaltes of de zuiverheid van arabische gom.

In Twello loop ik door een écht serieus droplaboratorium, waar zo'n beetje ieder Nederlands dropje wordt geboren. Daar verklapt drop-technoloog Sander Runia het thuisrecept voor trekdrop, dat tot groot verdriet van velen nergens meer in de winkel ligt. En tot slot ben ik in Leeuwarden samen met Marieke getuige van de lancering van een nieuw 'historisch dropje', dat is ontstaan uit de keuken-experimenten van Hendriksen. Straks is het overal in Nederland te koop, maar hoe historisch is dat dropje nog echt?

Eindredactie van dit Spoor Terug deed Katinka Baehr, eindmix: Alfred Koster.